Wet & Fiscus

Wet & Fiscus 2012
Vorige week heeft ook de Eerste Kamer heeft ingestemd met het Belastingplan 2012. Voor zakelijk autorijdend Nederland zijn er enkele belangrijke wijzigingen. Niet alleen wat bijtelling betreft, maar ook met betrekking tot de BTW, de bestelauto en de oldtimer. Wij zetten een aantal wijzigingen op een rij. Tevens vindt u hier een stroomschema waar u de duur van de bijtelling kunt aflezen.
Bijtelling
Tot 1 juli 2012 blijven de huidige CO2-grenzen voor het 14%-bijtellingspercentage en het 20%-bijtellingspercentage van toepassing. Deze grenzen worden per 1 juli 2012 en daarna jaarlijks per 1 januari voor het 14%-tarief en het 20%-tarief neerwaarts bijgesteld. De CO2-grenzen voor benzine en diesel groeien langzaam naar elkaar toe tot gelijke waarden in 2015.
De grens voor het 14%-bijtellingspercentage blijft overeenkomen met de vrijstellingsgrens in de BPM. Per 1 juli 2012 is de 14% bijtelling van toepassing tot een maximale uitstoot van 91 gram/km bij diesel en 102 gram/km bij benzine. In 2015 komt dat uit op een maximale CO2-uitstoot van 82 gram/km, ongeacht de brandstofsoort. Het 20%-bijtellingspercentage is uiteindelijk in 2015 van toepassing op alle auto's met een CO2-uitstoot van maximaal 110 gr/km.
Overgangsregeling bijtelling
Op auto's die voor 1 juli 2012 ter beschikking zijn gesteld, houdt de berijder een verlaagd bijtellingspercentage, ook als in latere jaren de CO2-grenzen worden bijgesteld. Dat geldt ook voor auto's die al voor 1 juli 2012 op naam van een eigenaar staan en daarna aan een andere berijder ter beschikking worden gesteld. Wisselt de auto na 1 juli 2012 van eigenaar en berijder, dan geldt de verlaging van de bijtelling gedurende maximaal 60 maanden te rekenen vanaf 1 juli 2012.
Voor nieuwe auto's vanaf 1 juli 2012 geldt de indeling in een lagere bijtellingscategorie ook voor een periode van 60 maanden, gerekend vanaf het moment dat de auto voor het eerst op kenteken is gesteld. Aan het eind van die periode wordt bekeken of de auto tegen de dan geldende CO2-grenzen opnieuw voor een verlaagd bijtellingspercentage in aanmerking komt. Als dat het geval is, geldt die nieuwe indeling opnieuw voor 60 maanden.
Nihilbijtelling elektrische auto's en plug-in hybrides
Voor personenauto's met een CO2-uitstoot van niet meer dan 50 gr/km die in de jaren 2012 of 2013 tenaam worden gesteld, geldt gedurende 60 maanden een bijtellingspercentage van nihil.
Voor auto's die voor het eerst te naam worden gesteld in 2014 en 2015 gaat vervolgens gedurende 60 maanden een 7%-bijtelling gelden.
BPM
De CO2-schijfgrenzen worden jaarlijks per 1 januari neerwaarts bijgesteld (in 2012 per 1 juli). Tot 1 juli 2012 gelden nog de huidige schijven, daarna worden de CO2-waarden van de diverse schijven bijgesteld. De CO2-grenzen voor benzine en diesel groeien daarbij langzaam naar elkaar toe tot gelijke waarden in 2015.
De vaste dieseltoeslag wordt met ingang van 1 juli 2012 vervangen door een CO2-gerelateerde dieseltoeslag. Deze toeslag zal tot en met 2015 jaarlijks worden bijgesteld.
MRB
De vrijstelling van de MRB voor zeer zuinige auto's vervalt per 1 januari 2014 voor zowel nieuwe als bestaande personenauto's.
Tot 1 januari 2014 gelden de huidige CO2-vrijstellingsgrenzen (benzine 110 gr/km, diesel 95 gr/km).
Personenauto's met een CO2-uitstoot van niet meer dan 50 gr/km worden tot en met 2015 vrijgesteld.
BTW
De al in een beleidsbesluit neergelegde wijziging van de correctie voor privégebruik per 1 juli 2011 wordt nu ook wettelijk verankerd. Het privégebruik wordt aangemerkt als belaste dienst. Hiervoor kan gebruik gemaakt worden van een wettelijk forfait. Dat forfait bedraagt 2,7% van de catalogusprijs. Voor de btw telt, anders dan voor de bijtelling, het woon-werkverkeer mee als privégebruik in plaats van als zakelijk gebruik.
Bron: AMD automotive fiscalisten B.V.

'Verklaring zakelijk gebruik bestelauto' beschikbaar
Per 1 januari 2012 kunnen bezitters van een bestelauto verklaren dat ze enkel zakelijk met de auto rijden. Door deze verklaring hoeven ze geen rittenregistratie meer bij te houden. Een ondernemer, een particulier met resultaat uit overige werkzaamheden of een werknemer kan met het formulier verklaren, dat hij met de bestelauto van de zaak geen enkele kilometer privé rijdt. Hij hoeft dan geen rittenadministratie meer bij te houden.
Uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto
Hebt u een bestelauto van uw onderneming? En gebruikt u deze uitsluitend zakelijk? Dan kunt u een 'Verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto' indienen. Deze regeling geldt vanaf 1 januari 2012.
Dit betekent voor u het volgende:
- U hoeft in uw aangifte inkomstenbelasting geen rekening te houden met het voordeel van het privégebruik van de bestelauto.
- U hoeft geen rittenregistratie bij te houden.
Voorwaarden
Dient u een 'Verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto' in? Dan gelden de volgende voorwaarden:
Verklaring indienen
U kunt de ‘Verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto’ zelf invullen, ondertekenen en bij ons indienen.
Verklaring intrekken
De verklaring is voor onbepaalde tijd geldig. U kunt de verklaring op een later moment zelf weer intrekken. De werknemer drukt het formulier af, vult het in, ondertekent het en levert het in bij de werkgever. Deze ondertekent het formulier en verstuurt het naar Belastingdienst/Centrale invoer, Antwoordnummer 21450, 6400 SM Heerlen.
Snel naar:
Let op!
- Bent u freelancer, of doet u wel eens klussen tegen betaling? Mogelijk bent u dan particulier met resultaat uit overige werkzaamheden. Ook dan kunt u een 'Verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto' indienen.
- Hebt u in het kalenderjaar al meer dan 500 kilometer privé gereden? Dan kunt u deze verklaring niet gebruiken.
- De 'Verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto' geldt niet met terugwerkende kracht. Hebt u de bestelauto al op 1 januari 2012 ter beschikking en dient u de verklaring pas later in? Dan moet u met een rittenregistratie kunnen bewijzen dat u tot de ingangsdatum van de verklaring niet meer dan 500 kilometer privé hebt gereden met de bestelauto.
- U hebt een meldingsplicht om veranderingen rond het zakelijk gebruik van de bestelauto op tijd aan ons door te geven. Dat kan betekenen dat u de verklaring weer moet intrekken.

Kentekencard vervangt papieren kentekenbewijs
Na het rijbewijs op creditcardformaat krijgt Nederland ook een kentekencard. De kentekencard met chip gaat het huidige tweedelige papieren kentekenbewijs vervangen. Dat heeft Minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu) bekend gemaakt. De nieuwe kaart wordt in de loop van 2013 ingevoerd.
Tenaamstellingscode
Op de kentekencard staan de gegevens van zowel het voertuig als van de kentekenhouder. Nu staan die op de afzonderlijke papieren kentekendelen. In plaats van het huidige overschrijvingsbewijs krijgt de eigenaar van het voertuig bij de tenaamstelling een tenaamstellingscode. Deze code is nodig als het voertuig van eigenaar wisselt, geschorst, gesloopt of geëxporteerd wordt.
Gemakkelijk
De kentekencard is gemakkelijk in gebruik, gaat langer mee en is lastiger na te maken. Daarmee helpt de kentekencard voertuigdiefstal terug te dringen”, aldus minister Schultz van Haegen.
Bij gestolen voertuigen worden dikwijls vervalste of gestolen kentekenbewijzen gebruikt om ze van een andere identiteit te voorzien. De kaart maakt het doorverhandelen van gekloonde voertuigen aan nietsvermoedende burgers moeilijker. Bij klonen krijgt een gestolen auto hetzelfde kenteken als een auto van hetzelfde merk en type.
Chip
De kentekencard krijgt ook een chip. Op de chip komen dezelfde gegevens te staan die ook op de card staan. Daarnaast komen alle bij de RDW beschikbare gegevens van het Certificaat van Overeenkomst (CvO) op de chip. Het CvO is het Europees gestandaardiseerde ‘geboortebewijs’ van het voertuig met aanvullende technische gegevens. Vanwege de veiligheid worden de cards niet meer op locatie, maar alleen nog centraal bij de RDW aangemaakt en uitgegeven.
Invoer
Nieuwe voertuigen krijgen vanaf de invoeringsdatum bij aflevering een kentekencard. Bestaande voertuigen krijgen een kentekencard als het voertuig op naam van een nieuwe eigenaar overgeschreven wordt. Dat kan ook gebeuren bij andere aanpassingen van het kentekenbewijs zoals kleurwijziging van het voertuig. De verwachting is dat vanaf 2018 de papieren kentekenbewijzen zijn vervangen door kentekencards.

Prinsjesdag 2011: wat gebeurt er met de autobelastingen?
Vorige week is duidelijk geworden hoe de plannen van het kabinet rond autobelastingen voor de komende vier jaar er precies uitzien. Met name de fiscale bijtelling gaat op de schop. Met de presentatie van de kabinetsplannen, is nog niets definitief besloten. De Tweede Kamer debatteert in oktober over dit Belastingplan, waarna in december de Eerste Kamer haar zegen moet geven. Wij houden u op de hoogte van de actuele ontwikkelingen. De samenvatting van alle plannen rond auto en fiscus kunt u hier vinden.

Wijziging BTW-correctie privégebruik auto van de zaak
Vanaf 1 juli
2011 is de btw-correctie voor privégebruik niet langer gekoppeld aan de
bijtelling zoals die voor de loon- en inkomstenbelasting geldt. De
btw-correctie is daardoor niet meer afhankelijk van de hoogte van de CO2-uitstoot.
Dit geldt zowel voor de auto van de ondernemer zelf, als voor auto's die aan
werknemers ter beschikking worden gesteld.
Directe
aanleiding voor deze wijzigingen is de uitspraak van de Rechtbank Haarlem
van 1 juni 2011, waarin is beslist dat het maken van een onderscheid op
basis van CO2-uitstoot Europeesrechtelijk niet is toegestaan. Tegen
deze uitspraak is weliswaar hoger beroep ingesteld, maar de staatssecretaris
van Financiën gaat zekerheidshalve toch over tot wijziging van de regelgeving.
Door
de wijzigingen per 1 juli 2011 wordt de koppeling tussen btw-correctie en de
bijtelling uit de loon- en inkomstenbelasting verlaten en wordt aftrek van btw
gecorrigeerd naar het werkelijke gebruik van de auto voor privédoeleinden.
Onder privégebruik wordt voortaan ook het woon-werkverkeer begrepen.
Uit
oogpunt van administratieve lasten en uitvoeringskosten wordt tegelijkertijd
via een beleidsbesluit de mogelijkheid geboden om de verschuldigde BTW niet op
basis van het werkelijk te registreren gebruik, maar via een daarin omschreven
forfait te laten plaatsvinden. Dat forfait is gesteld op 2,7% van de
catalogusprijs (inclusief btw en bpm) van de betreffende auto. Dit
percentage wordt verondersteld overeen te komen met de btw op het gemiddelde
werkelijke privégebruik.

Belastingplan 2011
De Eerste Kamer heeft op 21 december het Belastingplan 2011 aangenomen. Voor de autogerelateerde belastingen brengt dit belastingplan de volgende wijzigingen met zich mee
Vrijstellingen voor zeer zuinige auto
Om de fiscale faciliteiten voldoende uitdagend te houden is periodieke bijstelling van de CO2-uitstootnormen nodig. Deze normen worden, ondanks eerdere geruchten, per 2011 echter nog niet bijgesteld. In 2011 zal er eerst een onderzoek plaatsvinden naar de stimuleringsmaatregelingen in de BPM, MRB en bijtelling. Het Ministerie van Financiën meldt in dat kader dat iedereen die nu een zeer zuinige auto rijdt, in ieder geval tot 2013 blijft profiteren van het nul-tarief in de MRB.
Stilleggen afbouw BPM
In het Belastingplan 2011 wordt de in gang gezette afbouw van de BPM en de daaraan gekoppelde verhoging van de MRB stilgelegd. De reden is het feit dat kilometerheffing niet wordt ingevoerd. Naast deze afbouw van de BPM speelt er ook een ombouw van de BPM: Sinds 1 januari 2010 is de BPM-grondslag al voor een deel gebaseerd op de absolute CO2-uitstoot. Dat deel wordt de komende jaren steeds groter, totdat in 2013 de volledige BPM op basis van de CO2-uitstoot zal worden geheven. De hiervoor genoemde stilzetting van de afbouw van de BPM krijgt vorm door verhoging van de voor de jaren 2011, 2012 en 2013 geldende CO2-afhankelijke tarieven in de BPM.
De ombouw van de BPM-grondslag naar absolute CO2-uitstoot heeft alleen betrekking op personenauto’s. Voor bestelauto’s, kampeerauto’s e.d. blijft de catalogusprijs als grondslag gelden.
Stimulering Euro-6
Vanaf 1 januari 2011 moet elke nieuwe dieselpersonenauto zijn voorzien van een af-fabriekroetfilter op grond van de dan geldende Euro-5 norm. Vanaf die datum mag Nederland auto’s die voldoen aan de vólgende norm, Euro-6, fiscaal stimuleren. Dat gebeurt door dieselpersonenauto’s die voldoen aan de Euro-6 norm een korting op de BPM te geven van € 1500. Deze korting wordt verminderd naarmate het tijdstip nadert waarop de Euro-6-norm verplicht wordt. Met ingang van 1 januari 2012 geldt een korting van € 1000 en vanaf 1 januari 2013 een korting van € 500.
Geen differentiatie MRB naar fijnstofuitstoot
De in het Belastingplan 2010 aangekondigde differentiatie van de MRB voor dieselauto’s op basis van wel of niet aanwezig zijn van een af-fabriekroetfilter (fijnstofuitstoot ten hoogste 5 mg/km) gaat niet door.

Nieuws afschrijvingstabel BPM per 01-01-2010
Aanleiding nieuwe BPM afschrijvingstabel
Zoals wellicht bij u bekend maakt BPM (Belasting van Personenauto’s en Motorrijwielen) een substantieel deel uit van de consumentenprijs van de auto. Afschrijving van de BPM gedurende de levensduur van een auto gebeurt aan de hand van een afschrijvingstabel. Op basis van jurisprudentie heeft de overheid de BPM afschrijvingstabel aangepast.
Nieuwe afschrijvingstabel
Door invoering van de nieuwe BPM afschrijvingstabel wordt er gemiddeld over de looptijd van een leasecontract 2% extra BPM afgeschreven. Voor een voorbeeld van deze nieuwe afschrijvingstabel, klik hier.
Consequenties
Deze overheidsmaatregel heeft consequenties voor de af te schrijven BPM van uw huidig rijdende wagenpark. Dit betreft bedrijfswagens (grijskenteken) die bij niet-ondernemers rijden en personenauto’s waar BPM in de investering is opgenomen.
Voorbeeld
In onderstaand voorbeeld kunt u zien hoe dit verschil ontstaat:
|
|
oud
|
nieuw
|
verschil
|
|
BPM bedrag van nieuwe auto volgens kenteken
|
7.500
|
7.500
|
0
|
|
Restwaarde van auto incl.BTW en BPM
|
14.000
|
14.000
|
0
|
|
BPM restwaarde volgens afschrijvingstabel
|
40%
|
38%
|
-2%
|
|
BPM restwaarde (vrij van BTW)
|
3.000
|
2.850
|
-150
|
|
BTW deel in restwaarde
|
1.756
|
1.780
|
24
|
|
Restwaarde van auto excl.BTW, incl.BPM
|
12.244
|
12.220
|
-24
|
Doordat de BPM gemiddeld met 2% meer wordt afgeschreven dan voorheen, neemt de restwaarde van de auto in het BTW belaste deel toe en in het onbelaste deel af. Dit komt neer op een gemiddelde restwaardeverlies van €24,- per auto.

Verscherpte controle op tachograafplicht vanaf mei
Het gebruik van een tachograaf bij lichte bestelwagens en zware, van personenauto afgeleide bedrijfswagens (veelal 4wd’s) is vorig jaar juli aangescherpt. De handhaving van deze wetgeving werd toen echter tijdelijk opgeschort omdat bleek dat de noodzakelijke adapters nog niet beschikbaar waren. Dat probleem is inmiddels opgelost en vanaf mei 2010 gaat er actief gecontroleerd worden op de tachograafplicht.
Dat betekent dat veel eigenaren van genoemde bedrijfswagens alsnog een tachograaf moeten laten inbouwen. De tachograafplicht bij lichte bedrijfswagens is overigens niet nieuw. Er was altijd al een kleinere groep lichte bedrijfswagens die een tachograaf nodig had. Dat waren tot nu toe voornamelijk voertuigen die altijd met een aanhanger rijden waardoor de Maximaal Toegestane Massa altijd boven de 3500 kilo uitkomt. In de praktijk is dat veel het geval bij BE-trekker/trailer concepten. De regels rond het wel of niet voeren van een tachograaf zijn nu helder. In principe moet elke lichte bedrijfsauto in de klasse N1 (bestelauto) of M1 (van een personenwagen afgeleide bedrijfsauto) die met een aanhanger de Maximaal Toegestane Massa van 3500 kilo overschrijdt, een tachograaf hebben.
In bepaalde branches, waaronder de aannemerij, installatie-, en schoonmaakbranche, wordt veel gebruik gemaakt van bestelauto’s waaraan af en toe een aanhangwagen wordt gekoppeld. Doordat daardoor het totaalgewicht van de combinatie boven de 3.500 kg komt zou een tachograaf in de bestelauto moeten worden ingebouwd en gebruikt. Gevolg zou zijn dat bedrijven veel kosten moeten maken voor de inbouw, het ijken en gebruiken van de tachograaf. Dit terwijl het rijden voor dit soort bedrijven slechts bijzaak is. Om dit te voorkomen is er een aparte vrijstellingsregeling gemaakt.
Voorwaarden voor de vrijstelling zijn:
- Er mag uitsluitend binnen Nederland gereden worden
- Het totaal toegestaan gewicht van de combinatie mag niet meer dan 7.500 kg zijn
- Het rijden mag niet de hoofdtaak van de bestuurder zijn, maximaal 12 uur per week
- Het mag alleen gaan om eigen vervoer van goederen die benodigd zijn voor de uitoefening van de functie
Lichte bedrijfswagens in het beroepsgoederenvervoer moeten altijd een tachograaf hebben.
De controle op de tachograafplicht valt niet onder de verkeershandhaving maar onder het arbeidstijdenbesluit, (ATBV artikel 2,4:1). Daaronder vallen alle bedrijfsvoertuigen met een laadvermogen van meer dan 500 kilo. De bestuurders daarvan moeten officieel nu ook al een deugdelijke arbeidsregistratie voeren. Dat mag met een tachograaf maar ook anders. De wetgever definieert het begrip ‘deugdelijke arbeidsregistratie’ verder niet. In de praktijk voldoet elk systeem waarbij de bestuurder zijn rijtijd, rusttijd, andere werkzaamheden en zo meer duidelijk vastlegt. De bewijslast ligt bij de bestuurder en dat brengt nogal wat administratie met zich mee. Als zijn voertuig niet is uitgerust met een tachograaf zal hij of zij immers tegenover de controlerende instanties moeten kunnen aantonen dat dit in zijn of haar geval niet nodig is. De meest eenvoudige en tegelijk degelijke ritregistratie is dan een tachograaf waamee ondernemers ook in hun eigen zakelijke belang er voor kiezen hun werknemers zo min mogelijk te belasten met een tijdrovende handmatige administratie.
Bij inbouw van een tachograaf wordt deze doorgaans aangesloten op een goedgekeurde impulsgever. Omdat dit bij veel bedrijfsvoertuigen in deze categorie niet mogelijk is, is hiervoor een speciale N1/M1 adapter ontwikkeld in combinatie met een 12V tachograaf.
Voertuigen die voor 1 mei 2006 op de weg gekomen zijn, mogen nog met een analoge tachograaf rijden. Bij voertuigen vanaf die datum, moet een digitale tachograaf gemonteerd worden. In dat geval zal de chauffeur ook een bestuurderskaart moeten aanvragen en zal zijn bedrijf moeten kiezen voor een vorm van data-overdracht waarmee de gegevens uit de tachograaf gehaald worden. Dat kan een downloadkey zijn. Afhankelijk van de werkomstandigheden kan het handig zijn te kiezen voor een meer geavanceerde oplossing.

Kilometerbeprijzing bevroren. Maar wat dan?
datum: 19-03-2010
Op 17 maart informeerde minister Eurlings de Tweede Kamer over de gevolgen van de controversieelverklaring van het Wetsvoorstel Kilometerprijs voor de voortgang van het project.
Voorafgaande aan het spoeddebat van gisteren gaf de minister per brief de Tweede Kamer aan wat de gevolgen zijn van de controversieelverklaring voor Anders Betalen voor Mobiliteit (ABvM):
- Het kabinet gaat geen nieuwe financiële verplichtingen aan voor ABvM;
- De projectorganisatie wordt afgebouwd;
- Het proces van aanbesteding en certificering wordt opgeschort;
- En de voorbereiding van de beoogde uitrol van het systeem wordt stilgelegd.
Kortom, de minister laat alleen die activiteiten doorgaan die een nieuw kabinet de keuze geven om het project onder onnodige vertraging te laten doorstarten, dan wel het project definitief te stoppen. Tijdens het spoeddebat van gisteren bleek de Kamer hiermee in te stemmen.
De VNA betreurt vooral dat door de val van het kabinet het nu nog een hele tijd kan duren voordat er voor het oplossen van het bereikbaarheidsvraagstuk en het eerlijker maken van de autobelastingen (de auto als melkkoe!) daadwerkelijk iets gebeurt.
Niet te verkopen
VNA-directeur Renate Hemerik verwoordt het krachtig: "Maar er zal wel wat moeten gebeuren. Zakelijke automobiliteit is noodzakelijk voor de economische ontwikkeling. Nu al zitten de wegen verstopt en als de economie weer aantrekt wordt dit alleen maar erger. Als er niets gebeurt, neemt het aantal voertuigverliesuren de komende jaren enorm toe. Dat is aan ondernemend Nederland niet te verkopen! Niets doen is dus absoluut geen optie, er moeten passende maatregelen worden getroffen."
Pijnpunten
Over het huidige Wetsvoorstel Kilometerprijs bestaan gemengde gevoelens. "Wij voorzagen een lastige overgangsperiode met praktische pijnpunten voor fleetowners en de leasebranche. En de haalbaarheid en complexiteit waren voor ons belangrijke aandachtspunten. Feit is dat wij de uitgangspunten van Anders Betalen voor Mobiliteit blijven omarmen. Dus betalen naar gebruik, niet naar bezit, voor betere bereikbaarheid en een eerlijker vorm van autobelasting."
Onacceptabel
Verbetering van de bereikbaarheid blijft van groot belang. De vraag is welke stappen de overheid gaat ondernemen om dit te waarborgen. "Er moet wat gebeuren en laten we daarbij leren van de lessen die we in dit traject hebben opgedaan. Er is een breed draagvlak voor de uitgangspunten. Niets doen leidt tot grote schade voor de Nederlandse economie. Dat vinden wij onverantwoord en onacceptabel."
Daar komt bij dat de eerste stappen in de richting van kilometerbeprijzing al zijn genomen, zoals de afbouw van de BPM en de verhoging van de MRB. De vraag is nu natuurlijk wat daarmee gaat gebeuren als de kilometerbeprijzing (waar het om te doen was) niet doorgaat? Dat terwijl wij pleiten voor een consistent langetermijnbeleid, dat bedrijven nodig hebben om hun bedrijfseconomische beslissingen op te baseren en dat zij toch mogen verwachten van de overheid?!"
Bron: VNA